Aandacht is geen recht
Merken kopen bereik en noemen het aandacht, maar dat is het niet. Bereik is een mediametriek. Aandacht is een menselijk besluit en dat besluit valt in milliseconden op basis van herkenning… niet op basis van je boodschap.

Onderzoek van Karen Nelson-Field en VCCP Media (mei 2025, 20.000+ views, 72 digitale video-ads) maakt dat pijnlijk concreet. 85% van alle digitale advertenties krijgt minder dan 2,5 seconde actieve aandacht. Toch blijkt 1,5 seconde genoeg om geheugen te activeren, mits je merk herkenbaar is. Niet je propositie, niet je campagnethema, maar je merk. De kleur, het geluid, de vorm.
Merken zonder sterke visuele en auditieve handtekening betalen wat Nelson-Field de ‘distinctive asset tariff’ noemt: tot 66 pence per bestede pond verdampt, wereldwijd opgeteld zo’n 66 miljard pond per jaar. Let op: dat is geen media-inefficiëntie, het is creatieve inefficiëntie. Dat onderscheid maakt alles uit.
Discipline, geen creativiteit om de creativiteit
Byron Sharp en Jenni Romaniuk noemen het distinctive brand assets: de signalen die het brein triggeren zonder dat iemand je naam hoeft te lezen. Logo, kleurpalet, sonic branding, personages, verpakkingsstijl…alles wat zorgt dat mensen je herkennen nog voordat ze bewust naar je kijken. De merken die hierin het beste presteren, zijn opvallend genoeg de merken die hun assets niet veranderen maar ze stapelen, herhalen en laten rijpen.
Coolblue is het Nederlandse schoolvoorbeeld van die aanpak. Lichtblauw en oranje, humor op de dozen, Pieter Zwart als herkenbaar personage… elk touchpoint ademt hetzelfde systeem. Albert Heijn doet het al decennia op zijn eigen manier met het blauw-witte kleurenschema, de Hamster en Allerhande. Geen revoluties, wel herhaling met vakmanschap.
Rituals werkt anders maar even effectief. De zwarte verpakking, de geur bij binnenkomst, de winkelervaring die je meteen herkent; herkenbaar dus én gedifferentieerd, want het claimt luxe voor het dagelijks leven in plaats van voor speciale gelegenheden. Picnic doet het met de elektrische wagentjes en de rennende bezorgers, HEMA met de rookworst en de designklassiekers. Steeds hetzelfde principe: je beïnvloedt aandacht door onmiddellijk herkenbaar te zijn, niet door harder te schreeuwen.
Wat écht werkt bij mensen
Niet bij consumenten… bij mensen. Want wat aandacht vangt is nooit een merk dat vertelt hoe geweldig het is, maar een merk dat iets doet wat je niet verwacht, op een plek waar je het niet verwacht, en dat je wél meteen herkent. McDonald’s dat met één gebogen lijn herkenbaar is zonder naam. Duolingo's uil die op TikTok ineens een cultureel fenomeen wordt. Netflix' ta-dum die je herkent na twee seconden.
Nelson-Field zegt het scherp: de gebruikerservaring bepaalt hoeveel aandacht je kunt geven, en de meeste mensen denken dat ze controle hebben over hun eigen aandacht terwijl dat niet zo is. Platforms zijn ontworpen om je te laten scrollen, en merken die daarbinnen opvallen doen dat niet met een betere boodschap maar met een sterkere visuele handtekening.
Vasthouden is een ander spel
Aandacht vangen en aandacht vasthouden zijn twee verschillende dingen, en het onderscheid ertussen wordt te weinig gemaakt. Mark Ritson hamert hier al jaren op: je hebt zowel salience nodig - kom je op in het hoofd van de koper? - als differentiation - sta je ergens voor dat relevant is? Mark Ritson noemt het Bothism: het idee dat schijnbare tegenstellingen in marketing - kort en lang, breed en gericht, herkenbaar en gedifferentieerd - geen keuzes zijn maar combinaties. Voor aandacht betekent dat: je moet zowel opvallen als ergens voor staan. Merken die alleen herkenbaar zijn maar nergens voor staan, worden behang. Merken die ergens voor staan maar niet herkenbaar zijn, worden vergeten. De winnaars doen allebei: elke keer dat iemand hun merk tegenkomt, bevestigen ze wat mensen al wisten. Geen verrassingen in de identiteit, wel verrassingen in de executie.
Niemand ligt wakker van jouw merk
Hier is iets waar weinig merkbouwers graag bij stilstaan. Het Meaningful Brands-onderzoek van Havas (2025, 90.000+ consumenten, bijna 2.000 merken) concludeert dat 78% van alle merken morgen kan verdwijnen zonder dat consumenten het erg vinden. Achtenzeventig procent. En toch gedragen merken zich alsof ze het middelpunt van iemands leven zijn… ze lanceren purpose-campagnes alsof de wereld erop zit te wachten dat een wasmiddelmerk een standpunt inneemt over inclusiviteit, en schrijven manifesto’s die niemand leest.
Byron Sharp had gelijk: merken moeten vooral zorgen dat ze makkelijk te vinden en makkelijk te herinneren zijn. De meeste aankoopbeslissingen zijn laag-betrokken, en mensen kiezen niet het beste merk maar het merk dat in ze opkomt.
1,5 seconde. Dat is wat je krijgt. Zorg dat je er klaar voor bent.